Blaffende koeien bijten niet (78)

Wat voorafging: een oude vrouw en haar lijfwacht zijn uit het ziekenhuis ontsnapt. De oude vrouw is vervolgens zogenaamd omgekomen bij een parachutesprong. Een journalist probeert nu te achterhalen waar haar kleinzoon en haar pasgeboren baby uithangen.

“Waar is die kleinzoon nu? En dat kind? Waar is dat”, vroeg Johan nogmaals.
“Zeg”, zei Bert: “Blijf jij bezig?”
“Volgens mij blijft hij bezig”, zei Bart.
“Ik zeg zelfs meer”, zei Bert: “Hij blijft bezig.”
“Herregat”, zei Bart: “Gaan we Kuifje citeren?”
“Ik zeg zelfs meer”, zei Bert: “We gaan Kuifje citeren. Of liever gezegd Jansen en Janssen.”
“Janssen en Janssens toch”, vroeg Bart.
“Al was het Jansen en Jansens geweest. Wat maakt dat nou uit. Maar zo haal je wel alle lol uit het citeren, jij.”
“Nou ja, zo leuk was het nou ook weer niet, om te beginnen al niet, dus.”
“Die slag is u”, zei Bert, terwijl hij een ontwijkende beweging maakte.
“Wat doe jij nou”, vroeg Bart.
“Nou”, antwoordde Bert, “als ik zeg ‘die slag is u’, zegt met over het algemeen ‘maar deze is mijn’, terwijl men uithaalt om mij op mijn neus te boksen. Dat ben ik zo gewend.”
“O sorry”, zei Bart: “Maar deze is mijn!” En hij haalde uit.

“Auw, godverdomme”, riep Bert: “Wat doe je nou, lul!”
“Ik deed slechts wat er van mij verwacht werd, zoals weergegeven in jouw voorgaande korte uiteenzetting betreffende die slag en deze. Of zoiets.”
“Ja, neen, maar nou toch niet meer? Daar moet veel minder tijd tussen zitten, rund.”
“Hé, gaan we schelden? Het is dat ik je net een bloedneus geslagen heb, maar anders zou ik dat nu graag doen. Klootzak.”
“Ja, fijn. Heb je even een zakdoek of zo?”
“Wat, ben je nou ineens verkouden?”
“Neen, eikel. Voor tegen het bloed, begrijp je wel.”
“O ja. Alsjeblieft. Jij nog wat drinken trouwens?”
“Doe mij nog maar een pilsje. Hoe laat is het eigenlijk?”
“Ik heb geen idee. Doet dat ertoe?”
“Is er nog bier?”
“Zat.”
“Dan doet het er niet toe.”

“Krijg ik nou eindelijk antwoord”, vroeg Johan.
“Ja hoor”, zei Bert.
“Ach welja”, zei Bart.
“Nou”, zei Johan.
“Wat nou”, vroeg Bert.
“Hoezo nou”, vroeg Bart.
“Waar blijft mijn antwoord”, vroeg Johan.
“Dat heb je toch net gehad”, vroeg Bert en zich tot Bart wendend: “Hij heeft toch net antwoord gehad?”
“Ja hoor”, antwoordde Bart: “Hij vroeg of hij antwoord kreeg en toen zeiden wij ja. Meer antwoord kun je toch eigenlijk niet wensen, wel?”

4-02-2010 16.09 | Door: Een Schrijver | Categorie: Feuilleton

Er heeft iemand gereageerd op “Blaffende koeien bijten niet (78)”

  1. […] Wat voorafging: een oude vrouw en haar lijfwacht zijn uit het ziekenhuis ontsnapt. De oude vrouw is vervolgens zogenaamd omgekomen bij een parachutesprong. Een journalist probeert nu te achterhalen waar haar kleinzoon en haar pasgeboren baby uithangen. […]


Opinieleiders.nl © 1999 - 2021 Alle rechten voorbehouden
Contact   Valid XHTML 1.0 TransitionalValid CSS!KuijkStrip over de zinloosheid van webloggen, onder andere
WordPress 4.7.19 RSS-feed/RSS-feed reacties