Blaffende koeien bijten niet (80)

Wat voorafging: een oude vrouw en haar lijfwacht zijn uit het ziekenhuis ontsnapt. De oude vrouw is vervolgens zogenaamd omgekomen bij een parachutesprong. Een journalist probeert nu te achterhalen waar haar kleinzoon en haar pasgeboren baby uithangen.

“Van die olifant. Neen, van die Oma. Geen olifant. Oma. Oma Ketsflebber, u weet wel. Die hier dood gevallen is. Waar is haar kleinzoon en waar is haar baby, dat zijn de vragen”, zei Johan, die blij was dat hij er zo’n lange zin tussen kon krijgen.
“Waar is haar kleinzoon en waar is zijn vader? Een merkwaardige vraag. Of twee merkwaardige vragen”, zei Bert.
“Neen, niet zijn vader, maar haar baby”, verduidelijkte Johan.
“O, sorry. Ik herinterpreteer. Waar is haar kleinzoon en waar is zijn moeder. Wist ik niet, kan gebeuren.”
“Neen, niet zijn moeder, maar haar baby”, probeerde Johan.
“Zijn dochter”, vroeg Bert.
“Ja, of zijn zoon”, zei Bart.
“Zijn zo’n wat”, vroeg Bert.
“Zijn zo’n grote vis, of zijn zo’n enorme lul”, meende Bart.
“Maar hij zei haar. Haar zo’n enorme lul klinkt niet. Haar zo’n grote vis zou dan weer wel kunnen. Maar wat heb je nou aan een enorme vis met haar? Haar enorme harige vis? Dat slaat toch nergens op”, vond Bert.
“Altijd nog minder eng dan haar enorme harige lul”, zei Bart.
“Die slag is u”, zei Bert, terwijl hij uithaalde en eraan toevoegde: “Maar deze is mijn.”

“Dat zal je nou gek vinden, maar daar had ik op gerekend”, zei Bart: “Maar meneer de kamelenarts hier heeft je zakdoekje even nodig, lijkt mij.”
“Wel godverdomme”, zei Johan: “Waar slaat dat op?”
“Zo te zien op uw neus”, zei Bart, “maar dat komt, mijn collega gaat uit van het motto ‘wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat vooral een ander’. En hij wou geen bloedneus, maar die had hij al en toen raakte hij in de war. Zodoende. Is verder niet erg en hij bedoelt er niks mee.”
“Nou, hier die zakdoek. En geef verdorie eens serieus antwoord op mijn vraag.”
“Welke vraag moet dat wezen”, vroeg Bert: “Ik bedoel, u vraagt maar en u doet maar en wij doen ons best, maar gij spreekt wel enigszins in raadselen. U mist dus een grootmoeder, een zoon of dochter…”
“Al dan niet met een harige lul”, interrumpeerde Bart
“al dan niet met een harige lul”, vervolgde Bert: “En een kleinzoon.”
“Ook al dan niet met een harige lul”.
“Eveneens al dan niet met een harige lul”.

6-02-2010 16.15 | Door: Een Schrijver | Categorie: Feuilleton

Er heeft iemand gereageerd op “Blaffende koeien bijten niet (80)”

  1. […] Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat vooral een ander. Die blijkt van mij te wezen. Tachtig afleveringen feuilleton. Niets van onthouden. U ook niet? Shit. […]


Opinieleiders.nl © 1999 - 2021 Alle rechten voorbehouden
Contact   Valid XHTML 1.0 TransitionalValid CSS!KuijkStrip over de zinloosheid van webloggen, onder andere
WordPress 4.7.21 RSS-feed/RSS-feed reacties